Harry van Goor 2017
source:  Wikipedia, the free encyclopedia
Taxonomische indeling
Rijk:
Stam:
Mollusca
Klasse:
Gastropoda
Orde:
Hygrophila
Familie:
Physidae
Geslacht:
Physa
Latijnse naam:
De bronblaashorenslak (Physa fontinalis) is een slakkensoort uit de familie van de Physidae. Geen nadere informatie beschikbaar.
Herkenning
Animalia
ONDERWATERFAUNA
Categorie: Slakken (1)
Naam:
Bronblaashorenslak
(Weekdieren)
(Slakken)
(Dieren)
Taxonomische indeling
Rijk:
Stam:
Mollusca
Klasse:
Gastropoda
Orde:
Heterobranchia
Familie:
Lymnaeidae
Geslacht:
Stagnicola
Latijnse naam:
 De bruine poelslak (Stagnicola fuscus) is een slakkensoort uit de familie van de Lymnaeidae. Geen nadere informatie beschikbaar.
Herkenning
Animalia
Naam:
Bruine poelslak
(Poelslakken)
(Weekdieren)
(Slakken)
(Dieren)
Taxonomische indeling
Rijk:
Stam:
Mollusca
Klasse:
Gastropoda
Orde:
?
Familie:
Ellobiidae
Geslacht:
Myosotella
Latijnse naam:
Dunschalige schelp met 6 tot 7 matig bolle windingen waartussen een ondiepe sutuur loopt. De laatste omgang is het grootst en neemt 2/3 van de totale hoogte in. De top is spits, de mondopening eivormig. Op de binnenlip staan meestal 3 tandvormige plooien. Er is geen navel zichtbaar en het dier heeft geen operculum. De binnenwanden en de spil van de oudste windingen zijn opgelost. Het oppervlak is glad met alleen groeilijnen. De kleur van de schelp is geelbruin tot paarsroze. Het periostracum is geel en sterk glanzend. Hoogte: tot 8 à 10 millimeter. Breedte: tot 5 millimeter.
Herkenning
Animalia
Naam:
Gewoon muizenoortje
(Weekdieren)
(Slakken)
(Dieren)
Home 2e pagina
Taxonomische indeling
Rijk:
Stam:
Mollusca
Klasse:
Gastropoda
Orde:
?
Familie:
Planorbidae
Geslacht:
Segmentina
Latijnse naam:
De glanzende schijfhoren (Segmentina nitida) is een slakkensoort uit de familie van de Planorbidae. Geen nadere informatie beschikbaar.
Herkenning
Animalia
Naam:
Glanzende schijfhoren
(Weekdieren)
(Slakken)
(Dieren)
Taxonomische indeling
Rijk:
Stam:
Mollusca
Klasse:
Gastropoda
Orde:
Littorinimorpha
Familie:
Bithyniidae
Geslacht:
Bithynia
Latijnse naam:
De grote diepslak (Bithynia tentaculata) is een slakkensoort uit de familie van de Bithyniidae. De wetenschappelijke naam van de soort is voor het eerst geldig gepubliceerd in 1758 door Linnaeus. De soort komt oorspronkelijk uit Europa en West-Azië, maar komt als exoot ook voor in Noord-Amerika. Hij komt er onder meer voor in de regio van de Grote Meren, waar hij zuigwormen met zich meedraagt die dodelijk zijn voor sommige watervogels, zoals koeten en eenden. De grote diepslak heeft een bruine tot zwarte kleur. Geen nadere informatie beschikbaar.
Herkenning
Animalia
Naam:
Grote diepslak
(Weekdieren)
(Slakken)
(Dieren)
Taxonomische indeling
Rijk:
Stam:
Mollusca
Klasse:
Gastropoda
Orde:
?
Familie:
Hydrobiidae
Geslacht:
Potamopyrgus
Latijnse naam:
Potamopyrgus antipodarum heeft een schelp met een hoogconische vorm, een spitse apex, tot 6 zwak bolle windingen met een matig diepe sutuur. De laatste winding beslaat ongeveer 3/4 van de totale schelphoogte. Hoewel het geen verwante soorten zijn, lijkt de schelp oppervlakkig op die van een wadslakje. De navel is nauw of bedekt door een callus aan de columellaire zijde van de mondrand. De mondopening is ovaal, afgerond aan de onderkant en aan de bovenkant spits toelopend en neemt ongeveer de helft van de totale schelphoogte in beslag. De mondrand is niet verdikt, is continu en kan vooral aan de bovenkant iets van de voorgaande winding losraken. Het schelpoppervlak is matglanzend en glad. Net boven het midden van de winding loopt soms een kiel die zowel stomp als tamelijk kantig ontwikkeld kan zijn. De kiel hoeft niet op alle windingen aanwezig te zijn. De schelp van levende dieren is opaak en egaal bruin, geelachtig of wit gekleurd. De bruine kleur blijft bij lege schelpen nog lang bewaard. Het periostracum vormt soms haren die gerangschikt zijn in een spiraalband die even boven het midden over de schelp loopt. Deze band kan samenvallen met een eventueel aanwezige kiel. Er is een hoornachtig operculum met een paucispirale opbouw. Hoogte: tot 5,8 mm. Breedte: tot 3,0 mm.
Herkenning
Animalia
Naam:
Jenkins' waterhoren
(Weekdieren)
(Slakken)
(Dieren)
Taxonomische indeling
Rijk:
Stam:
Mollusca
Klasse:
Gastropoda
Orde:
Pulmonata
Familie:
Lymnaeidae
Geslacht:
Galba
Latijnse naam:
De leverbotslak (Galba truncatula), is een in het zoete water levende longslak uit de familie poelslakken (Lymnaeidae). De naam is afgeleid van de leverbot, een parasitaire platworm waarvoor de slak een tussengastheer is  De leverbotslak heeft een hoog kegelvormige rechtsgewonden schelp met 5 tot 6 bolle windingen die door een diepe sutuur gescheiden zijn. De bovenzijde van de winding is enigszins trapvormig. De laatste omgang is ongeveer 70% van de totale schelphoogte. De mondopening is ovaal en er is een scherpe mondrand en een wit callus die een nauwe spleetvormige navel vrij laat. Het schelpoppervlak heeft een sculptuur van geprononceerde, als fijne ribbeltjes afgezette groeilijnen. De kleur van de schelp is lichtbruin tot geelachtig. Het periostracum heeft een vergelijkbare maar donkerder kleur dan de schelp zelf en kan ook groenachtig zijn. Schelpen van levende dieren kunnen ook met een dun modderlaagje bedekt of met algen begroeid zijn.
Herkenning
Animalia
Naam:
Leverbotslak
(Longslakken)
(Poelslakken)
(Weekdieren)
(Slakken)
(Dieren)
Taxonomische indeling
Rijk:
Stam:
Mollusca
Klasse:
Gastropoda
Orde:
Hygrophila
Familie:
Lymnaeidae
Geslacht:
Stagnicola
Latijnse naam:
De moeraspoelslak (Stagnicola palustris) is een slakkensoort uit de familie van de Lymnaeidae. Geen nadere informatie beschikbaar.
Herkenning
Animalia
Naam:
Moeraspoelslak
(Poelslakken)
(Weekdieren)
(Slakken)
(Dieren)
Taxonomische indeling
Rijk:
Stam:
Mollusca
Klasse:
Gastropoda
Orde:
Heterobranchia
Familie:
Lymnaeidae
Geslacht:
Radix
Latijnse naam:
De schelp heeft ongeveer 5 windingen die aanvankelijk vooral in lengte groeien maar na ongeveer 2 windingen zeer snel in breedte toenemen. Jonge schelpen zijn slank kegelvormig en hebben een betrekkelijk ondiepe sutuur. Door deze groeiwijze beslaat de hoogte van de mondopening van de volwassen schelp bijna de volledige lengte en steken de oudere windingen als een scherp puntig topje boven de opgeblazen laatste winding uit. De opgeblazen laatste winding en de scherp gepunte top zijn heel karakteristiek voor deze soort. De mondopening is breed afgerond 'oorvormig', er is geen hoekig toelopende bovenkant en de bovenrand staat ongeveer haaks op de voorgaande winding. De mondrand is scherp, niet verdikt en soms 'trompetvormig' naar buiten gebogen. De spil is bedekt met een dik callus die ook een nauwe navel bedekt. De schelp is dun maar betrekkelijk stevig en heeft meestal alleen een sculptuur bestaande uit groeilijnen. Soms is (met een loep onder 10x vergroting) een fijne spiraalsculptuur op een gedeelte van de schelp zichtbaar. De schelp zelf is wit tot crême van kleur, het periostracum is lichtbruingeel tot donkerbruin. Hoogte: tot ongeveer 35 millimeter. Breedte tot ongeveer 30 millimeter
Herkenning
Animalia
Naam:
Oorvormige poelslak
(Poelslakken)
(Weekdieren)
(Slakken)
(Dieren)